Wat is vakantiegeld?
Elke werkgever is verplicht vakantiegeld te betalen: minimaal 8% van het brutoloon, doorgaans uitbetaald in mei of juni. Op deze pagina lees je over welk loon je het berekent, wanneer je het uitkeert en wat de uitzonderingen zijn.
- Wettelijk minimum is 8% van het brutoloon; de cao kan een hoger percentage voorschrijven.
- Het vakantiegeld bouwt op over het gehele jaar en wordt doorgaans in mei of juni uitbetaald.
- Ook deeltijdwerkers, uitzendkrachten en medewerkers met een tijdelijk contract hebben er recht op.
- Vakantiegeld telt mee als onderdeel van het bruto maandsalaris bij de berekening van de transitievergoeding.
Hoe bereken je het vakantiegeld?
De wettelijke basis is helder: minimaal 8% van het brutoloon dat in de opbouwperiode is verdiend. De meeste cao's hanteren hetzelfde percentage, maar sommige schrijven 8,33% of meer voor.
De opbouwperiode loopt doorgaans van 1 juni van het vorige jaar tot en met 31 mei van het lopende jaar. Betaal je het vakantiegeld per kalenderjaar uit, dan loopt de opbouwperiode van 1 januari tot 31 december. Kies één methode en pas die consequent toe.
Rekenvoorbeeld vakantiegeld
Let op: over het vakantiegeld zelf betaalt de werknemer ook loonheffing. Het bedrag op de loonstrook is het bruto vakantiegeld; het nettobedrag is lager. Hou hier rekening mee als medewerkers navragen wat zij ontvangen.
Wanneer betaal je het uit?
Het vakantiegeld moet ten minste eenmaal per jaar worden uitbetaald, uiterlijk in de maand waarover het is afgesproken. In de meeste bedrijven en cao's is dat mei of juni, zodat medewerkers hun zomervakantie kunnen financieren.
Je mag ook kiezen voor maandelijkse uitbetaling als opslag op het salaris. Zorg dan dat dit expliciet op de loonstrook vermeld staat als vakantiegeld, zodat duidelijk is dat de opbouw plaatsvindt. Sommige cao's verbieden maandelijkse uitbetaling; controleer dit dus altijd.
Praktisch voor jou als werkgever
Reserveer maandelijks 8% van het brutoloon van elke medewerker, zodat je in mei of juni niet voor een onverwachte liquiditeitsdruk staat. Vergeet bij uitdiensttreding nooit het openstaande vakantiegeld mee te nemen in de eindafrekening. Controleer ook of jouw cao een hogere opbouw of een specifieke uitbetalingsdatum voorschrijft. En onthoud: het vakantiegeld telt mee als grondslag voor de transitievergoeding, dus zorg dat je het correct verwerkt in het bruto maandsalaris bij een eventueel ontslag.
Veelgestelde vragen
Over welk loon bereken ik het vakantiegeld?
Het vakantiegeld wordt berekend over het brutoloon, inclusief vaste toeslagen zoals ploegentoeslag en provisie als die structureel van karakter zijn. Onkostenvergoedingen, zoals reis- en thuiswerkvergoeding, tellen niet mee. Controleer de cao die op jouw bedrijf van toepassing is, want die kan een ruimere of engere grondslag voorschrijven.
Mag ik vakantiegeld maandelijks uitbetalen in plaats van eenmaal per jaar?
Ja, dat is toegestaan. Je mag het vakantiegeld maandelijks meebetalen als een opslag op het salaris, mits dit duidelijk op de loonstrook staat vermeld als "vakantiegeld" en de opbouw transparant is. Let erop dat dit dan ook zichtbaar is voor de werknemer. Sommige sectoren vereisen via de cao een eenmalige uitbetaling; controleer dit altijd.
Wat als een medewerker uit dienst gaat voor de uitbetalingsdatum?
Bij uitdiensttreding heeft de medewerker recht op het opgebouwde maar nog niet uitbetaalde vakantiegeld. Je betaalt dit uit bij de eindafrekening, samen met niet-opgenomen vakantiedagen. Vergeet dit niet, want te laat betalen kan leiden tot wettelijke rente en een boete.
Telt vakantiegeld mee voor de berekening van de transitievergoeding?
Ja. Het vakantiegeld maakt deel uit van het bruto maandsalaris dat je gebruikt als grondslag voor de transitievergoeding. Het bruto maandsalaris voor de transitievergoeding is het vaste bruto maandloon verhoogd met een twaalfde van het jaarlijkse vakantiegeld.
Mijn medewerker werkt pas drie maanden. Heeft hij al recht op vakantiegeld?
Ja, vakantiegeld bouwt op vanaf de eerste werkdag. Na drie maanden heeft de medewerker recht op drie twaalfde van het jaarlijkse vakantiegeld, dat wil zeggen drie maanden à 8% van het bruto maandloon. Bij uitdiensttreding of de jaarlijkse uitbetaling in mei/juni ontvangt hij dit bedrag.